Heb je een bedrag inclusief 21 procent btw, zoals €121, en wil je weten wat de btw is? Deel dan door 1,21: €121 gedeeld door 1,21 is €100 exclusief btw, dus de btw bedraagt €21. Wil je andersom btw optellen bij €100? Dan vermenigvuldig je met 1,21 en kom je op €121. Het veelgemaakte foutje is 21 procent van €121 nemen. Dat levert €25,41 op, en dat klopt niet, omdat de btw is berekend over het bedrag zonder btw.
Waarom 21 procent van het totaalbedrag niet klopt
Btw wordt berekend over de prijs exclusief btw. Je betaalt dus 100 procent van de prijs plus 21 procent daarbovenop, samen 121 procent. Als je terugrekent vanaf het totaal, is die 121 procent je uitgangspunt. De btw is dan 21 van die 121 delen, ofwel ongeveer 17,36 procent van het totaalbedrag. Wie 21 procent van €121 aftrekt, houdt €95,59 over, terwijl de echte prijs zonder btw €100 is. Dat verschil van €4,41 lijkt klein, maar bij een factuur van €12.100 loopt het al op tot ruim €440.
Btw erbij rekenen in twee stappen
Je kunt btw op twee manieren optellen. De snelle manier is vermenigvuldigen met 1,21. De uitgebreide manier is eerst de btw uitrekenen en die daarna optellen.
Voorbeeld met een factuur van drie uur werk
Stel dat je als zzp'er drie uur werkt voor €85 per uur. Dat is €255 exclusief btw. De btw is 0,21 x €255 = €53,55. Het totaal komt daarmee op €308,55. Met de snelle manier krijg je hetzelfde: €255 x 1,21 = €308,55. Kies de methode die jou het minste kans op rekenfouten geeft, maar gebruik haar consequent.
Btw eraf halen: delen door 1,21
Voor een winkelprijs, bijvoorbeeld een artikel van €49,95 inclusief btw, deel je door 1,21. Dat geeft €41,28 exclusief btw. De btw is dan €49,95 min €41,28 = €8,67. Rond bij tussenstappen niet te vroeg af, want dan kan er een cent verschil ontstaan. Laat je rekenmachine alle cijfers staan en rond pas op het eind af op twee decimalen.
Een korte controle
Controleer je uitkomst altijd door terug te rekenen. Heb je €41,28 gevonden? Vermenigvuldig dat met 1,21 en je komt op €49,95 uit. Klopt dat, dan zit je goed. Zit er een cent verschil in, dan komt dat door afronding en is dat bij kleine bedragen normaal.
Het verlaagde tarief van 9 procent
Niet alles valt onder 21 procent. Voor onder meer eten en drinken, boeken en medicijnen geldt het verlaagde tarief van 9 procent. De methode is hetzelfde, alleen het getal verandert. Van €50 exclusief naar inclusief rekenen: €50 x 1,09 = €54,50. Van €54,50 terug naar exclusief: €54,50 gedeeld door 1,09 is €50. Houd er rekening mee dat een bon met beide tarieven die tarieven apart vermeldt. Je rekent dan per regel en telt daarna op.
Een handige tabel voor 21 procent
De tabel hieronder laat zien hoe de bedragen zich tot elkaar verhouden. De kolom met btw is het verschil tussen de twee bedragen ernaast.
| Exclusief btw | Btw (21%) | Inclusief btw |
|---|---|---|
| €50,00 | €10,50 | €60,50 |
| €100,00 | €21,00 | €121,00 |
| €255,00 | €53,55 | €308,55 |
| €1.000,00 | €210,00 | €1.210,00 |
Waar je dit in het dagelijks leven nodig hebt
Bij het vergelijken van prijzen tussen een webshop voor bedrijven en een webshop voor consumenten zie je vaak prijzen zonder btw. Wil je weten wat je echt betaalt, dan vermenigvuldig je met 1,21. Ook bij het controleren van een offerte van een klusser is het handig. Staat er €1.000 exclusief btw, dan weet je dat je €1.210 gaat betalen. En verkoop je zelf iets, bijvoorbeeld als freelancer, dan moet je op je factuur het bedrag exclusief btw, het btw-bedrag en het totaal netjes vermelden.
Veelgemaakte fouten op een rij
De eerste fout is 21 procent van het totaalbedrag nemen in plaats van delen door 1,21. De tweede fout is het verlaagde tarief van 9 procent over het hoofd zien. De derde is te vroeg afronden. Een vierde, minder bekende valkuil is het optellen van btw over losse regels zonder te letten op afronding per regel. Op een factuur met veel kleine bedragen kan dat een paar cent schelen, dus werk met de totalen zoals je boekhoudprogramma dat doet.
Een bestelling met meerdere artikelen narekenen
Stel dat je twee artikelen bestelt van €39,95 per stuk, inclusief btw, en dat er €5,95 verzendkosten bij komen, ook inclusief btw. Je totaal is dan 2 x €39,95 + €5,95 = €85,85. Wil je weten hoeveel daarvan btw is, dan deel je het totaal door 1,21. Dat geeft €70,95 exclusief btw, zodat de btw €14,90 bedraagt. Je hoeft de artikelen en de verzendkosten niet apart te berekenen, want ze vallen onder hetzelfde tarief. Alleen als er artikelen met 9 procent tussen zitten, splits je de regels.
Wat als er korting op een bedrag exclusief btw zit?
Bij zakelijke offertes zie je vaak korting op een prijs exclusief btw. Neem een bedrag van €100 exclusief btw met 20 procent korting. De kortingsprijs is dan €80 en daar komt 21 procent btw overheen: €80 x 1,21 = €96,80. De btw is €16,80. Rekenen in de omgekeerde volgorde geeft hetzelfde resultaat: €100 x 1,21 = €121 en daar 20 procent af is €96,80. De volgorde maakt bij een percentage dus niet uit, zolang je het bedrag maar niet door elkaar haalt met de btw die al in een totaalbedrag zit.
Een groter bedrag als oefening
Een verbouwing van €2.500 exclusief btw levert €525 aan btw op, dus een totaal van €3.025. Krijg je een offerte waarin alleen het totaal van €3.025 staat, dan deel je door 1,21 en kom je terug op €2.500. Zo controleer je in een paar seconden of de btw in een offerte klopt en of een aannemer niet per ongeluk twee keer btw heeft gerekend.
Zo onthoud je het
Onthoud twee getallen: 1,21 voor 21 procent en 1,09 voor 9 procent. Erbij is vermenigvuldigen, eraf is delen. Heb je geen rekenmachine bij de hand, dan werkt een bekende truc: voor 21 procent neem je twee keer 10 procent plus 1 procent van het bedrag exclusief btw. Bij €255 is dat 25,50 + 25,50 + 2,55 = €53,55. Dat is precies de btw die we eerder uitrekenden.