Een afgestreken eetlepel suiker weegt ongeveer 15 gram, een eetlepel bloem ongeveer 10 gram en een eetlepel boter ongeveer 15 gram. Heb je geen weegschaal bij de hand, dan kom je met die drie getallen al een heel eind. Let wel: het blijft een schatting, want de hoeveelheid hangt af van hoe vol je de lepel schept en hoe grof of fijn het ingrediënt is.
Waarom een eetlepel nooit precies hetzelfde weegt
Een eetlepel (el) is in de Nederlandse keuken een maat voor 15 milliliter. Dat is inhoud, geen gewicht. Hoeveel gram er in die 15 milliliter past, hangt af van de dichtheid van het product. Water en melk wegen ongeveer 15 gram per eetlepel, omdat 1 milliliter water 1 gram weegt. Bij poederachtige stoffen als bloem zit er veel lucht tussen de deeltjes, waardoor dezelfde lepel een stuk lichter is. Bij stroperige producten als honing is het juist andersom.
Daar komt de manier van scheppen nog bij. Een afgestreken lepel is een lepel waarvan je de bovenkant met de rug van een mes vlak hebt gemaakt. Een bolle of volle lepel kan 30 tot 50 procent meer bevatten. Veel recepten gaan uit van afgestreken, maar vermelden dat zelden. Zie je in een oud familierecept alleen "een lepel suiker", dan bedoelt de schrijver vaak een gewone, licht bolle lepel uit de eigen la.
Ook het type lepel speelt een rol. Een kleine dessertlepel uit een bestekset is geen eetlepel van 15 milliliter. Wie het precies wil weten, gebruikt een maatlepel uit een set, waarvan de eetlepel altijd 15 milliliter en de theelepel altijd 5 milliliter is.
Omrekentabel voor de meest gebruikte ingrediënten
De onderstaande waarden gelden voor een afgestreken eetlepel. Het zijn gemiddelden: merk, vochtigheid en hoe zorgvuldig je schept kunnen er enkele grammen vanaf doen.
| Ingrediënt | Eetlepel (15 ml) | Theelepel (5 ml) |
|---|---|---|
| Water of melk | 15 gram | 5 gram |
| Suiker (kristalsuiker) | 12 tot 15 gram | 4 tot 5 gram |
| Poedersuiker | 8 tot 10 gram | 3 gram |
| Bloem | 8 tot 10 gram | 3 gram |
| Boter (zacht of gesmolten) | 14 tot 15 gram | 5 gram |
| Olie | 13 gram | 4 gram |
| Honing | 20 tot 22 gram | 7 gram |
| Cacaopoeder | 6 tot 8 gram | 2 gram |
| Zout (fijn) | ongeveer 18 gram | 6 gram |
Suiker, bloem en boter apart bekeken
Suiker
Kristalsuiker is vrij compact. Een afgestreken eetlepel weegt tussen 12 en 15 gram, een bolle lepel loopt snel richting 20 gram. Voor 100 gram suiker heb je dus ruim 6 tot 8 eetlepels nodig. Poedersuiker is veel luchtiger, daar heb je voor dezelfde 100 gram al snel 10 tot 12 eetlepels voor.
Bloem
Bloem is de grootste valkuil. De lepel lijkt vol, maar het poeder is zo luchtig dat je er maar 8 tot 10 gram in kwijt kunt. Heeft het recept 250 gram bloem nodig, dan zijn dat ongeveer 25 afgestreken eetlepels. Dat is veel scheppen, en dan is de kans groot dat je tussendoor de tel kwijtraakt. Voor grotere hoeveelheden is een kopje of een maatbeker een betere keuze, zie hieronder. Bloem die je in de zak hebt laten klonteren, weegt per lepel bovendien meer dan bloem die je net hebt doorgezeefd.
Boter
Boter is stevig en weegt per eetlepel ongeveer 14 tot 15 gram, mits je de lepel goed aandrukt. Het handigste is om de verpakking te gebruiken. Een standaard pakje boter van 250 gram heeft vaak maatstrepen op het papier, zodat je 10, 25 of 50 gram kunt afsnijden. Heeft je boter zulke strepen niet, snijd het blokje dan in gelijke stukken: een kwart is 62,5 gram, een achtste 31 gram.
Rekenvoorbeeld: een cake voor 8 personen zonder weegschaal
Stel, je wilt een simpele boterkoek of cake bakken en het recept vraagt om 200 gram bloem, 125 gram suiker en 125 gram boter, plus 3 eieren. Zonder weegschaal reken je dit zo om:
- Bloem: 200 gram gedeeld door 10 gram per eetlepel is 20 eetlepels.
- Suiker: 125 gram gedeeld door 15 gram per eetlepel is ruim 8 eetlepels.
- Boter: 125 gram gedeeld door 15 gram per eetlepel is ook ruim 8 eetlepels.
Het totaal komt daarmee op ruim 36 eetlepels. Dat klinkt als veel, maar het geeft je wel een nauwkeuriger resultaat dan op het oog doseren. Een marge van 10 procent is bij zo'n recept meestal geen probleem; de cake wordt dan wat droger of juist wat vochtiger, maar niet mislukt. Alleen bij gerezen deeg, zoals brood en croissantdeeg, moet je het zuiverder doen.
Kopjes en maatbekers als alternatief
Voor grotere hoeveelheden is een kopje of maatbeker handiger. Een Nederlands kopje is vaak 150 milliliter, een Amerikaanse cup 240 milliliter. Dat scheelt bijna een factor twee, en dus kan een Amerikaans recept compleet anders uitpakken als je het met een gewoon koffiekopje maatvoert. Een cup bloem weegt ruim 120 gram, een cup suiker ongeveer 200 gram en een cup boter 225 gram. Omgerekend naar een kopje van 150 milliliter hou je ongeveer 75 gram bloem, 125 gram suiker en 140 gram boter over, al zijn dat ruwe schattingen.
Ben je veel aan het bakken met buitenlandse recepten, dan loont het om een goedkope digitale keukenweegschaal aan te schaffen. Die kost vaak niet meer dan €10 tot €15 en bespaart je elke keer het gepuzzel met lepels en kopjes.
Handige trucs voor de praktijk
Gebruik altijd dezelfde lepel voor het hele recept, ook al is het misschien niet precies 15 milliliter. Dan blijven de verhoudingen tussen de ingrediënten kloppen, en dat is vaak belangrijker dan de absolute hoeveelheid. Schep de bloem eerst los met een vork, doe de lepel vol zonder aan te drukken en strijk af met de rug van een mes. Bij boter druk je de lepel juist wel stevig aan, zodat er geen luchtbellen blijven zitten.
Vul je bij gesmolten boter of olie de lepel, dan rekent het eenvoudig: dat is vloeistof, en die gedraagt zich ongeveer als water, iets lichter. Honing en stroop blijven aan de lepel plakken. Spoel de lepel eerst om met warm water, dan glijdt het er beter af en heb je geen verlies.
Zo houd je het overzicht
Schrijf de omrekeningen die je vaak gebruikt op een kaartje en hang het in het keukenkastje. Reken bij twijfel liever met iets minder dan met iets meer, want je kunt tijdens het mengen altijd nog een lepel bijvoegen, terwijl terugnemen niet lukt. Met de cijfers uit dit artikel, 15 gram voor suiker en boter en ongeveer 10 gram voor bloem, kom je in de meeste huishoudelijke recepten goed uit de voeten.